Skip to main content

Wij zijn de PvdA

Via dit artikel wil ik u graag meenemen naar het beginselprogram van de Partij van de Arbeid uit het jaar 1947, om precies te zijn punt 28 van dit program. Als volgt:

De Partij beschouwt de Nederlandse natie als een in de historie gegroeide eenheid met eigen karakter, taal en cultuur. Het verkrijgen van een werkelijke nationale gemeenschap acht zij evenwel slechts mogelijk door consequente verwezenlijking der sociale gerechtigheid. Zij gevoelt zich mede verantwoordelijk voor het behoud van de geestelijke grondslagen van onze westerse beschaving en haar voortdurend streven is gericht op de bevestiging en vernieuwing van het aandeel van ons volk daarin.”

Ik meen te kunnen spreken voor alle Erkenbranders wanneer ik opschrijf dat wij ons zeer kunnen vinden in punt 28. Het idee dat blank zijn voldoende is voor de natie is onjuist. Men moet zich aantoonbaar inzetten ten behoeve van de nationale gemeenschap. Sociale gerechtigheid zal nooit tot wasdom komen binnen een kapitalistisch of (cultuur)marxistisch systeem.

Het valt op dat de PvdA ervoor kiest om het woord natie in haar klassieke betekenis te gebruiken, afgeleid van gnasci (Latijn) wat volk, ras en geboorte betekent, afhankelijk van de context. Een in de historie gegroeide eenheid ontstaat namelijk enkel d.m.v. een bloedband. Een buitenlander kan geen Nederlander worden, ongeacht waar hij geboren is. Een ezel die wordt geboren in een paardenstal is ook niet opeens een paard.

We zien een Nederland dat de afgrond inglijdt door demografische, geestelijke, culturele, morele en politieke degeneratie. Erkenbrand wil een rol spelen qua bewustwording om deze zorgwekkende tendens een halt toe te roepen. We streven naar een originalistisch Nederland dat terugkeert naar haar oerkracht van weleer.

Zelfs een volledig blank Nederland zou binnen het huidige systeem niet kunnen opbloeien tot haar ware potentieel. Juist bij Nederlanders is een mentaliteitsverandering nodig die etnocentrisme, dienstbaarheid, (zelf)beheersing, traditie, moraliteit, inzet, verantwoordelijkheid, bestendigheid, fatsoen, waarheid en liefde voor de natie van primair belang maakt.

Het sociale hart moet niet harder gaan kloppen voor het oprichten van een almachtige, alwetende en albeschikkende natiestaat. Werkelijk sociaal zijn zit in omkijken naar een ander en ieder zijn deel gunnen. Dit is het werk van de gehele natie, van de volksgemeenschap die haar vormt. Wij dienen de kracht in onszelf te vinden om samen vooruit te komen en individuele belangen te onderdrukken ten gunste van de volksgemeenschap.

Het leidende principe van sociaal denken moet zijn dat er geen beloning kan zijn zonder inzet, waarmee het parasitaire karakter van het huidige sociale stelsel wordt doorbroken. Op dit moment is er een bovenklasse die profiteert van de arbeidsproductiviteit van de klassen onder hen, alsmede financiële wegsluismogelijkheden en juridische bescherming. De middenklasse bezwijkt onder hypothecaire lasten en consumptieverslaving waardoor de middenklasse geneigd is elkaar onderling te bestrijden. De onderklasse wordt zoet gehouden met financiële cadeaus die hen afhankelijk maakt van de overheid en hen beroofd van de mogelijkheid om een echt menswaardig bestaan op te bouwen. Ook wordt zij meer dan wie dan ook direct bedreigd in haar voortbestaan door de vele buitenlanders die door de jaren heen Nederland in zijn gelaten.

Functionele verschillen zullen bestaan naar verschillen in functie, maar de sociale klassen moeten afgebroken worden om ruimte te bieden aan een échte samenleving gebaseerd op een wederkerig saamhorige volksgemeenschap. Binnen deze beoogde samenleving zal iedereen zich op verschillende manieren, maar met verantwoordelijkheid, inzetten voor de natie. We erkennen dat mannen en vrouwen worden geboren met verschillende gaven en capaciteiten.

Waarom krijgen wij nooit een antwoord op de vraag waarom het verkeerd is om op te komen voor ons bestaan en onze rechten als blanken? Waarschijnlijk omdat het antwoord zou bestaan uit leugens, verdraaiingen, (psychologische) woordspelingen en verraad.

Een zo’n voorbeeld is de bekende kreet ‘diversiteit maakt ons sterk’. Het is een uitspraak die geuit wordt door globalisten en bedoeld is om de originele inwoners van een land te doen geloven dat de vernietiging van waarden, normen, cultuur en de natie door massa-immigratie iets goeds is.

Wanneer nationalisten beschuldigd worden van het zaaien van verdeeldheid zeggen de globalistische cultuurmarxisten in werkelijkheid dat het verboden is om te verenigen op basis van ras. Van ons wordt verlangd dat wij onszelf verslaan door ons neer te leggen bij de smeltkroes met mensen die hier gebracht zijn om ons te vervangen. Men wil dat we stil blijven, niet organiseren, accepteren wat er komen gaat en geknield sterven.

We moeten het voortbestaan van onze natie en een toekomst voor blanke kinderen garanderen.

Met de tekst die u tot nu toe heeft gelezen heeft Attje ‘Cuck’ Kuiken (PvdA) een antwoord op vraag twee van de door haar ingezonden kamervragen van 8 december 2017. Het is wel van belang om op te merken dat Erkenbrand een diverse groep mensen is met uiteenlopende ideologieën.

Vraag vier is eenvoudig te weerleggen. Dreigingsbeeld Terrorisme Nederland 46 (november 2017) van de Nationale Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid noemt Erkenbrand nergens in de tekst een gevaar voor de democratische rechtsorde. Tevens stelt men nergens dat Erkenbrand ondemocratische doelen na zou streven, of dat ondemocratische middelen worden ingezet door ons studiegenootschap. In DTN46 staat expliciet het volgende: De genoemde groeperingen (waaronder Erkenbrand, red.) kenmerken zich door extreemrechts gedachtegoed, maar hanteren geen gewelddadige methodes om hun doelen te bereiken.”

Dit beeld keert terug in de Factsheet Extreemrechts in Nederlandse Gemeentes (september 2017) van de Anne Frank Stichting. Mevrouw Kuiken doet er goed aan haar huiswerk te doen. Ze zou zich moeten onthouden van het selectief uitkiezen van instituten of terminologie om gewenste antwoorden of uitkomsten te verkrijgen.

Vraag vijf is voor een parlementariër een ongepaste vraag omdat mevrouw Kuiken hiermee bij voorbaat op de stoel van een D66-rechter gaat zitten. Hoewel het vragen zijn, zijn het suggestieve vragen. Dit gaat ook op voor vraag zes.

Vraag zeven is een mooie afsluitende vraag. Voor Erkenbrand is er op dit moment geen noodzaak en bestaat er ook geen behoefte om politieke partijen te ‘infiltreren’ of überhaupt deel te nemen aan het politieke proces. Individuen mogen op persoonlijke titel natuurlijk wel gebruik maken van het passief kiesrecht. We wensen geen onderdeel te worden van het partijspel wiens enige nagekomen belofte het is om te verzanden in nutteloze partijoorlogen omwille van polarisatie die de natie niet ten goede komen. Polarisatie is bij uitstek een kenmerk van democratie. Je moet denken in groepen en je afzetten tegen de ander om verkiezingen te winnen. Ik zal parafraseren naar Ludwig Wittgenstein: “Wanneer alle politieke problemen en vraagstukken zijn voorzien van oplossingen en antwoorden, hebben we de problemen van het leven nog niet behandeld.” In plaats daarvan zien wij meer in het realiseren van een culturele omslag middels een parapolitieke en/of metapolitieke aanpak.

Het mag het duidelijk zijn dat wij de werkelijke PvdA zijn en dat de entiteit die zichzelf PvdA noemt een bende charlatans is wiens ideologische veren al veel langer geleden dan gedacht zijn afgeschud. In 1959 werd een nieuw beginselprogram gelanceerd waaruit punt 28 van het jaar 1947 was verdwenen.